‘Theologia Reformata’ denkt na over Gods voorkeur voor het geringe

God heeft een uitgesproken voorkeur voor het geringe en onaanzienlijke.Over deze ‘adunamofilia’ van God schrijven P.D. Dekker en R. Peels in het maartnummer van Theologia Reformata, het wetenschappelijke tijdschrift van de Gereformeerde Bond. Deze eigenschap van God is in de Bijbel prominent aanwezig, maar heeft in de systematische bezinning minder aandacht gekregen. Hoe verhoudt deze tegendraadse voorliefde van God voor het zwakke zich tot Gods algoedheid (‘omnibenevolentia’)? Is het wel fair en rechtvaardig dat God meer van gemarginaliseerde mensen houdt dan van sterke en succesvolle mensen? Zie bijvoorbeeld Psalm 145:9: ‘De HEERE is voor allen goed, Zijn barmhartigheid rust op al Zijn werken.’ Waarom zou God meer van de ene mens dan van de andere mens houden als Hij in alle opzichten volkomen goed is? God kan toch niet oneerlijk handelen?
Dr. J.D.Th. Wassenaar schildert een fijn spiritueel portret van Oepke Noordmans, ‘de geniaalste reformatorische theoloog van Nederland’ genoemd. Aansluitend bij ‘een contemplatieve wending in de theologie’ zien we bij Noordmans hoe het geleefde geloof als bron van de theologie fungeert. Wat Noordmans van huis uit heeft meegekregen als geestelijke erfenis, is bepalend gebleven voor zijn denken en levenshouding als gereformeerd (puriteins) theoloog. Een voorbeeld van Noordmans zelf: ‘Op het orgel in mijn ouderlijk huis stonden drie lange en wijde eikenhouten pijpen. Zij waren eigenlijk een toegift van de orgelbouwer. Want zij hoorden thuis op een 16-voets register, waarvoor overigens in dit instrument geen plaats was. Alleen deze drie konden er nog net staan: de a, de bes en de b. Zij gaven grond aan het hele spel. Wanneer ik op stille avonden, op het uur waarop de avondpsalm gezongen werd, van elders thuiskwam, drongen deze drie stemmen reeds op een halve mijl afstands tot mijn oor door. Dan werd ik van verre reeds opgenomen in deze kathedraal van geluid. Ik ging er binnen, lang voordat ik de deur der woning had bereikt.’
J.C. (Johan) Smits laat zien hoe studie van de confessionele hermeneutiek van de Vermittlungstheologen uit de negentiende eeuw vruchtbaar kan worden gemaakt voor de actuele bezinning op de omgang met klassieke confessies. Het artikel loopt uit op een pleidooi voor concentratie op twee basisprincipes: zich afhankelijk weten van goddelijk spreken in de theologische reflectie en van goddelijk vrijspreken in de persoonlijke verhouding tot God.
De bijdragen van T.J.J. Pleizier, die in zijn reflexen naar aanleiding van de Nacht van de Theologie ingaat op de vraag in hoeverre kerk en academie elkaar nodig hebben, T.E. van Spanje die in de rubriek Focus Matthew Barretts God’s Word Alone: The Authority of Scripture bespreekt en de meditatie van ds. W. van Klinken completeren dit nummer.

Voor abonnementen, proefnummers en losse nummers (€ 12,50) is het adres: bureau Gereformeerde Bond, Kleine Fluitersweg 253, 7316 MX Apeldoorn, tel. 055-5766660; email: info@gereformeerdebond.nl.